zaterdag 25 februari 2012

Chegada em Viçosa

Arriving in Viçosa

I have the urge to write all my stories in English but for now I will try to keep it in Dutch, hence most of those who will likely read this are as Dutch as can be.

Dit keer schrijf ik niet vanaf een dakterras maar al zittend op mijn bed in mijn nieuwe kamer. Ik ben zojuist officieel verhuisd en heb nu een ruime kamer met privé balkon in een prima buurt op ongeveer 40 minuten loopafstand van de universiteit. Hoewel ik, zoals het een oer-Hollander betaamt, heel graag een fiets zou aanschaffen wordt dit me telkens door een ieder ten stelligste afgeraden. Het verkeer in Brazilië is op zijn zachtst gezegd chaotisch. En dat terwijl iedereen nog terug moet komen van carnaval. Ik ben benieuwd hoe dit er maandag uit gaat zien. Mijn huisgenoten zijn op dit moment bezig met een experiment op de campus; deze zal ik later voorstellen.

Om mijn verhaal te vervolgen; ik ben zojuist aangekomen op het vliegveld van Belo Horizonte (spreek uit [ˌbɛloɾiˈzõtʃi]). Een relatief klein vliegveld (denk Eelde). Het is 07:55 Braziliaanse tijd (tijdzone: GMT-03) en ik heb al 25 uur niet geslapen. Na het ophalen van mijn koffer hoop ik vol goede moed mijn contactpersoon te ontmoeten bij de Arrivals maar helaas, niemand te bekennen. Ik heb de zaterdag voor mijn vertrek nog een bericht verstuurd met daarin gegevens betreffende mijn aankomst. Dit is dan ook waar mijn inlevingsvermogen mij weer eens tekort schoot; in Brazilië is het carnaval rond deze tijd en hebben mensen wel iets anders aan hun hoofd dan het lezen van e-mails. Na drie kwartier wachten, een telefoontje richting Nederland om te vragen of ik toch echt geen e-mail ontvangen had, en het bericht dat mijn broertje een acute blindedarm ontsteking heeft gehad met daarop een, succesvolle, spoedoperatie, toch maar besloten de bus richting Viçosa te nemen. Een bus die alleen vanuit Belo Horizonte vertrekt. Op zich geen probleem, ware het niet dat ik mij enigszins vergist had in de afstanden op Google Maps (wat is Nederland toch een minuscuul klein landje). Misschien had er een lichtje moeten gaan branden toen ik het ticket betaalde, á €15, -. Of misschien toen ik bij de bus aankwam en er een hele familie aan het verhuizen was. Ik heb vergeten een foto te nemen maar stel je voor; een stuk of vijftien verhuisdozen, mooi ingepakt in tape, vijf koffers en verder nog wat losse prullaria. Het voordeel van transporte público, elke buschauffeur ontfermt zich over de bagage. De buschauffeur was dan ook een goed kwartier bezig de verhuizing van deze familie voor zijn rekening te nemen, waarvoor hulde!

Na ongeveer anderhalf uur in zwaar wankelende en zwieberende bus te hebben vertoeft (nog steeds denkende dat een ritje vliegveld – centrum toch echt niet zo lang kan duren) kom ik dan eindelijk aan in Belo Horizonte. Deze stad heeft drie miljoen inwoners en is wijd verspreid over het heuvelige landschap. Het busstation is vergelijkbaar met vertrekhal op een middelgroot vliegveld, alleen dan ongeveer zoals het er 100 jaar geleden uit heeft moeten zien. Na mijn ticket te hebben gekocht (ditmaal ‘maar’ €35, -) was ik voorbereid op het ergste. Gedurende de tweeënhalf uur die ik op een bankje heb zitten wachten heb ik ongeveer elke denkbare gemoedstoestand meegemaakt. Ik had dorst, had nog niets gegeten, voelde mij op zijn zachtst gezegd ongemakkelijk in een vreemde, superdrukke hal waar niemand (zelfs de baliemedewerkers) zich enigszins in het Engels verstaanbaar kan maken en waar ik telkens bijna in slaap viel mijn bagage krampachtig omarmend in de hoop dat, wanneer ik wakker zou schrikken, ik niet identiteit-, gadget- en kledingloos zou zijn. De stationsklok geeft aan 12:15; eindelijk. Ik loop een smalle trap af richting perron in de hoop dat mijn bus 30 minuten te vroeg zou aankomen; tevergeefs.

Als de bus dan eindelijk vertrekt komt er een gemoedelijke man, genaamd Hosej, naast mij zitten. Hoewel ik geen enkel woord português spreek en Hosej geen woord Engels weet ik me toch nog aardig verstaanbaar te maken. Zijn de twee Spaans courses die ik reeds vorig jaar heb gevolgd toch nog ergens goed voor. Hosej is medewerker van de universiteit maar wat hij doet weet ik nog steeds niet. Na drie kwartier communiceren met handen, voeten en rare geluiden geef ik het op. Ondertussen heb ik geleerd wat  tiras (riemen vast), viagem agradável (prettige reis), verde (groen; joh?!) en +55 (31) 3073-7000 (+55 (31) 3073-7000) betekenen. Ik ben Hosej uiteraard eeuwig dankbaar.

De bus, van de veelzeggende maatschappij Pássaro Verde, heeft er goed de vaart in en brengt ons, zo af en toe een ingestort wegdeel ontwijkend, door het oerwoud richting Viçosa. Overal langs de weg staan kleine restaurantjes waar steevast een stel hangjongerende oudjes buiten zit te slapen of hevig discussiërend het voorbijkomende verkeer bestudeerd. Hoewel het een doordeweekse dag is lijkt het alsof iedereen gewoon maar wat op straat uithangt. Kennelijk levert dit wel degelijk wat op; onlangs is Brazilië naar plaats zes gestegen op de wereldranglijst grootste economie. Het uitzicht, hoe vermoeid ik ook ben, is afwisselend en interessant. Grote stukken ondoordringbare jungle, dichte bebossing, zo af en toe een beekje of meertje, veel (Indiase) koeien en immense struiken bamboe, soms tot wel zes meter hoog.

Na bijna zes uur rijden kom ik dan eindelijk aan in Viçosa waar Vladimir, mijn contactpersoon die ik ondertussen heb weten te bereiken op zijn mobiele telefoon, op mij staat te wachten. Het is een prettig weerzien; we hebben al eens eerder kennisgemaakt in Groningen. Hij heeft een onderkomen voor me geregeld bij Flavia; de meest vriendelijke vrouw in Brazilië. Flavia heeft een prachtig, drie verdiepingen tellend, huis vlak bij de universiteit waar zij huisvesting biedt aan (internationale)studenten. Er staat een bed, een koude douche en een uitgebreid diner op mij te wachten; what else could I wish for? Nadat ik alle huisgenoten, meer over hen in mijn volgende post, heb begroet, mij tegoed heb gedaan aan het overweldigende diner (standaard zo zal later blijken) duik ik mijn bed in. Bijna 39 uur niet slapen heft zo zijn tol. De wekker staat op 07:30.

Ondertussen versta ik Portugees, kan ik mij redelijk verstaanbaar maken in een mengelmoes van Engels-Spaans-Portugees-Frans, heb ik ongeveer veertig nieuwe mensen leren kennen, heb ik een nieuwe kamer, ken ik Viçosa bijna op mijn duim, maar toch ten minste op mijn hand en heb ik ook kennis gemaakt met de professor José Luis Braga, voor wie ik mijn project zal uitvoeren.

Meer over de universiteit, Vladimir, mijn (ex-)huisgenoten, de typisch Braziliaanse gebruiken en het project dat ik zal uitvoeren in volgende posts.

De bij dit blog behorende foto’s zijn terug te vinden op Flickr.

Mede mogelijk gemaakt door Pássaro Verde, Oldtimers, Coca-Cola en DRI UFV.